Fretalop - brouwproces

Lees hier alles over het Fretalopbier - gelanceerd op 15 Juni 2007
Introductie - algemene informatie.
Geschiedenis van Fretalop.
Brouwen van Fretalopbier.
Brouwen van Fretalopbier bij De Graal.
Lancering van Fretalop bier.

 
Het eerste brouwsel van Fretalop
Onze dierbare bierproevers-club bestaat bijna 10 jaar en dit gaat natuurlijk samengaan met verschillende speciale feestevenementen. Eén van deze feestelijkheden is het laten brouwen van een eigen origineel bier bij een vakkundige kleine amateur-brouwer. Dit bier werd door ons bestuur genoemd naar Fretalop.

Maar waar is nu ons eerste brouwsel gemaakt?
Lees er alles over op deze pagina.

Foto's van het brouwproces:
Een brouwverslag in 12 eenvoudige fasen (Gerben Van Camp - bierfilosoof)
Op zaterdag 9 december was het dan zover. De Objectieve Kaaischuimers zetten toen de eerste stappen om hun eigen bier te maken. Op 9 december gingen we brouwen met de hulp van Marc De Bondt van brouwerij De B’s. De dag begon al vroeg, omstreeks 20 voor 8u waren we aangekomen aan de clubzaal ’t Vaatje in Lebbeke.

Als totale leken kwamen we daar toe en hadden we er dus ook geen idee van wat de dag zou brengen. Ikzelf dacht dat het heel wat werk ging zijn om een bier te brouwen, maar dat viel eigenlijk wel mee. Zoals jullie straks zelf kunnen lezen. De 3 belangrijkste zaken die je moet hebben om te brouwen, zijn: het materiaal, geduld en concentratie.

Eerst ga ik het even over het materiaal hebben. In de brouwruimte zagen we 3 ketels staan: een verwarmingsketel, een geïsoleerd filtreervat en een brouwketel. De verwarmingsketel diende enkel om leidingwater te verwarmen tot een 80°C. Verder werd deze ketel niet gebruikt. Het filtreervat werd enkel gebruikt om het brouwmengsel te filteren tot we een zuiver brouwmengsel overhielden dat ons toekomstig bier moet worden. De brouwketel werd het vaakst gebruikt. Deze ketel diende als brouwketel, kookketel en koelingsvat. Alle ketels hadden een inhoud van ongeveer 100 liter. We hebben op deze dag ongeveer een 70 liter bier gebrouwen.

Geduld en concentratie zijn de volgende belangrijke eigenschappen die een brouwer of amateurbrouwer moet bezitten. Tijdens bijvoorbeeld het maïschen moet je lange tijd wachten, maar toch moet je er constant bij zijn om alles in het oog te houden. Geduld en concentratie zijn dus van essentieel belang. Wie van zichzelf weet dat hij deze twee eigenschappen niet heeft, beperkt zich beter tot het uitsluitend proeven van bier. De anderen spoor ik toch aan om het eens te proberen samen met een andere amateurbrouwer.

Fase 1 is vrij eenvoudig. Men moet namelijk de ketels opvullen met water. Dit kan je op de dag zelf doen met al voorverwarmd water uit een boiler. Maar het beste brouwwater is nog altijd koud water dat een nachtje heeft gestaan, dit zorgt ervoor dat de chloorverbindingen uit het water verdampen. Daarna moet je het water opwarmen tot een temperatuur van 52°C. Als je vertrekt van koud water zal het wel even duren om die hoeveelheid water (ca. 75 liter) op te warmen. Daarom hebben wij besloten om voorverwarmd water te gebruiken. Bij deze hoeveelheid water hebben we dan 22 kilogram geschroot mout gestort.
Nadat het water opgewarmd is tot 52°C begin je met het maïschen. In deze fase voeg je de mout toe aan het water en begin je constant te roeren. Je houdt de temperatuur in deze stap constant gedurende 10 minuten.

Fase 2 begint na de rustpauze van 10 minuten. In deze stap verwarm je al roerend het brouwmengsel tot ongeveer 62°C. Hierbij is het belangrijk dat je af en toe de mout eens losroert zodat je een goede temperatuurmeting kan doen. Je moet ervoor zorgen dat de temperatuur toch constant tussen 60°C en 62°C ligt. Daarna hou je deze temperatuur constant gedurende 60 minuten, maar belangrijk is om te blijven roeren.

Fase 3 bestaat uit het opwarmen van het brouwsel tot 72°C. Van zodra je de temperatuur hebt bereikt, hou je de temperatuur al roerende constant gedurende 20 minuten. Voor de 3e fase is er nog een mogelijkheid voor een tussenfase bij 68°C. De laatste 20 minuten bij fase 2 kan je al opwarmen tot 68°C, dit levert een tijdswinst van een vijftal minuten op bij fase 3.

Fase 4 en 5 worden samen gestart. Fase 4 bestaat uit het al roerend opwarmen van het brouwsel tot 78°C. Van zodra de temperatuur bereikt is, hou je de temperatuur constant gedurende 1 minuut. Dit is de laatste stap van het maïschen.

In fase 5 moet je het filtreervat opwarmen tot 78°C. Hiervoor gebruik je het warme water uit de verwarmingsketel en de boiler samen met koud water. Zo kan je snel en eenvoudig het geïsoleerde filtreervat voorverwarmen tot 78°C. Het filtreervat wordt voorverwarmd zodanig dat er geen afkoeling gebeurt van het brouwmengsel bij het filteren, anders zal het bier hoogstwaarschijnlijk mislukken.

In fase 6 wordt het brouwmengsel gefilterd. Hiervoor moeten we het brouwmengsel overgieten van de brouwketel naar het filtreervat. Vergeet niet om het filtreervat eerst leeg te laten lopen! Laat wel een 2 centimeter water in de filterkuip tot net onder de filterplaat. Nadat het brouwmengsel is overgegoten naar het filtreervat, laat je het een kwartiertje rusten zodat er een filterbed kan gevormd worden.

In fase 7 gaan we het gefilterde brouwsel terug overgieten naar de brouwketel. Hiervoor gaan we eerst het mengsel laten aflopen tot het zuiver is. Wat nog niet zuiver is, vangen we op en gieten we terug in het filtreervat. Zo gaat er niets verloren van ons mengsel. Met zuiver bedoelen we dat er geen “pellekes” of andere “onzuiverheden” in het mengsel terug te vinden zijn. Van zodra het brouwsel zuiver is, gieten we het over in de brouwketel. Bij het overgieten in de brouwketel is het wel belangrijk om te proberen om zo weinig mogelijk zuurstof toe te voegen aan het mengsel door het te bruusk over te gieten in de brouwketel. Dit kan je doen door het mengsel bijvoorbeeld langzaam tegen de wand van de brouwketel uit te gieten. Hoe minder zuurstof er is, hoe minder risico het bier loopt om te mislukken.
Bij het filteren van het brouwmengsel is het belangrijk om een goede doorloop te garanderen. Dit kan je doen door af en toe eens in het filtreervat te roeren en de wort los te maken. Je zal naar het einde toe ook af en toe wat warm water moeten toevoegen om te verhinderen dat de wort opstijft en zo hard wordt als baksteen. Door het extra toevoegen van water blijft de druk op de wort hoog en kan het mengsel goed gefilterd worden.
Het toevoegen van water verlaagt ook de stand van de refractometer. Een stand van 4 op de refractometer zou nagestreefd moeten worden. Bij het bereiken van deze stand betekent dit eigenlijk dat er zo goed als geen suiker meer in het brouwmengsel zit. Alle belangrijke stoffen om het bier te laten gisten, zitten dan in het mengsel dat in de brouwketel zit. Je zal tegen dan ook wel genoeg hebben om bier van te maken. Wat er nog in het filtreervat zit van vloeistof mag je gerust weggooien. Dit wordt toch niet meer gebruikt.

De volgende fase is fase 8. In deze fase wordt het mengsel gekookt op 100°C gedurende 75 minuten. Het beste is dat je deze fase al begint als er al wat brouwmengsel overgegoten tijdens de vorige fase. Dit om de tijd te verkorten die we nodig zullen hebben om het brouwmengsel op te warmen tot 100°C. Wij zijn begonnen met het opwarmen toen er al een 15tal liter in de brouwketel zat. Je kan ook wachten, maar dan heb je wel een goede brander nodig die 85 liter snel kan verwarmen.
Bij het begin van het koken voeg je ook de hop toe die gaat zorgen voor de bitterheid dankzij de lipulinen. De hop moet de ganse tijd meekoken.
Nadat alles is overgegoten van het filtreervat wordt er ook nog wat extra zuur toegevoegd. Bij ons was dit PH 5.2.

In de volgende fase, fase 9, worden de koelsystemen gesteriliseerd. Dit doen we in de brouwketel zelf en neemt ongeveer een kwartier in beslag. Om de koelsystemen te reinigen, moeten we wel de brouwketel hermetisch kunnen afsluiten zodanig dat alles goed gereinigd kan worden. We hebben de brouwketel afgesloten van de lucht door gebruik te maken van handdoeken. We hebben deze eerst nat gemaakt in een mengsel van water met een beetje P3-oxonia om ze daarna uit te wringen en over de ketel te leggen.
Na de reiniging van de koelsystemen hebben we de aromatische hop en de kristalsuiker toegevoegd. Daarna hebben we het mengsel nog 10 minuten laten koken.

In fase 10 wordt het bier gekoeld en worden de gistvaten gekuist. Om het bier te koelen, hebben we gebruik gemaakt van de koelinstallatie van de tapsystemen in een café. Deze hebben we in de vorige fase gereinigd in de brouwketel en zijn dus direct klaar voor gebruik. Deze koelinstallatie sluiten we gewoon aan op een kraan en laten we er vervolgens koud water door stromen. Dit koude water onttrekt de warmte aan de brouwketel en zorgt ervoor dat het brouwmengsel afkoelt. Als resultaat krijgen we warm water uit de koelinstallatie dat we kunnen gebruiken om de gistvaten te spoelen. Het brouwmengsel moet eerst afgekoeld worden tot 20°C à 24°C voor we het toekomstige bier in de gistvaten kunnen overgieten.
Eerst moeten de gistvaten gekuist worden. De beste manier om gistvaten te prepareren voor gebruik is door deze eerst te kuisen met soda en ze daarna te vullen met een mengsel van water, sulfiet en citroenzuur. Juist voor het opvullen, ontgieten en spoelen we de gistvaten met warm water.

In de voorlaatste fase, fase 11, gaan we het afgekoelde brouwsel overgieten naar de gespoelde gistvaten. Ons brouwsel moest ideaal gezien een temperatuur hebben tussen 20°C en 24°C en dat is ook gelukt. Een hogere temperatuur betekent een hogere gisting van het bier. Bij het overgieten wordt ook nog wat extra zuurstof toegevoegd voor een betere gisting te garanderen. Zorg er wel voor dat er een even verdeling is van deze extra zuurstof over de gistingsvaten. Anders kan het resultaat wel variëren naargelang gistingsvat.

In fase 12 en tevens ook de laatste fase wordt de gist gelijkmatig verdeeld en toegevoegd aan de gistvaten. De gistvaten worden dan hermetisch afgesloten zodat er zeker geen lucht in kan. En dan is het nu 2 tot 3 weken wachten geblazen voor we van de vruchten van onze noeste arbeid kunnen proeven.

Dit is het ganse brouwproces dat wij hebben doorgemaakt toen we ons verjaardagsbiertje aan het brouwen waren. Naast het brouwen zelf moesten we natuurlijk ook de verschillende ketels en vaten reinigen. Maar dat viel eigenlijk wel allemaal mee. We konden gebruik maken van een hogedrukreiniger en dan wordt kuisen wel heel gemakkelijk. Er werden geen wasproducten gebruikt tijdens het reinigen. We hebben alles gekuist met gewoon leidingwater.

En zo zat onze brouwdag er uiteindelijk op. Veel bijgeleerd en veel geproefd.